Meer doen met je omgeving!

Culturele omgeving: met wie?

Wie samenwerkt met zijn culturele omgeving is niet meer alleen. Want in elke gemeente zijn er talloze partners die graag hun passie voor een plek, hun talent of activiteit doorgeven aan kinderen. Met welke lokale partners wil ik samenwerken?

Iedereen leeft, ook al is zijn omgeving dezelfde, toch in een andere wereld
Arthur Schopenhauer

Breng stapsgewijs je culturele omgeving in kaart

  • Onderzoeksfase

    Bespreek met je team welke partners er in de omgeving zijn waar de school mee kan samenwerken? Welke organisaties ken je die betrokken kunnen worden?
    Denk aan: wijkverenigingen, muziekschool, museum, lokale theatergroep.
    Welke personen zijn er nog meer werkzaam op het gebied van kunst en erfgoed?
    Denk aan: een plaatselijke dichter, kunstenaars, gilde, vrijwilligers van historische vereniging.
    Welke bijzondere bewoners kunnen betrokken worden?
    Denk aan: opa’s en oma’s, de molenaar, de bakker om de hoek of de redacteur van de lokale krant.

  • Uitvoeringsfase

    breng samen in kaart welk erfgoed-, kunst-, amateurgroepen of -verenigingen, organisaties voor cultuureducatie en overige instellingen er in de buurt van de school zijn.

Hier vind je een voorbeeld van een schema om dit in kaart te brengen.
Bekijk

Werk samen

Leer elkaar kennen en neem de tijd om samen te kijken naar de ambities en doelen van alle partijen.

  • Wat vraagt de school? Wat moeten de leerlingen leren of kunnen?
  • Wat wil je zelf bereiken?
  • Wat wil je partner bereiken?
  • Voorbeeldvragen om als school en partner in gesprek te gaan
    • Welk onderwerp willen we centraal stellen?
    • Wat willen we bereiken?
    • Wanneer zijn we tevreden?
    • Wat willen we dat de leerlingen meemaken?
    • Hoe kan de partner helpen om die doelen te bereiken?
    • Welke leerlingen zijn de doelgroep en wat is hun leefwereld?
    • Hoe kunnen we het zo mooi mogelijk laten aansluiten bij het lesprogramma?
    • Hoeveel geld en middelen hebben we?
    • Hoeveel tijd hebben we?
    • Zijn de afspraken over vergoeding en financiën helder?
    • Hoe gaat de activiteit er concreet uitzien?
    • Wie doet wat? Waarop kunnen we elkaar aanspreken?
    • Hoe willen we over de activiteit communiceren: naar ouders, in de school, lokale krant?