Vrij spel

Zet de beleving centraal

UIT HET HART

Tekst: Jolanda Konings
Beeld: Deborah van der Schaaf

“Leren denken als een kunstenaar, dat is wat we kinderen zouden moeten aanleren in kunstonderwijs”, vindt Muriël Besemer. “Simpelweg omdat iedereen baat heeft bij het doorlopen van een creatief denkproces, waar ruimte is voor nieuwe gedachten. En voor verwarring! Dat dan de wolken wegtrekken en je denkt: Oh, zo kan het ook!”

Muriël Besemer is regisseur en theaterdocent. Tot voor kort was zij hoofd van de afdeling ITA Academy van het Internationaal Theater Amsterdam. Nu oriënteert zij zich op nieuwe stappen als theatermaker. In de driehoek van kunst, onderwijs en pedagogiek toont Muriël Besemer zich vol passie en bovenal eigenzinnig.

Muriël wil niet zozeer het ambacht, maar de beleving binnen kunst- en cultuureducatie centraal zetten: “Er is niets mis met ambachtelijkheid, ik hou van mijn ambacht. Maar een ambacht aanleren zou niet de kern moeten zijn in het kunstonderwijs. Als professionals kunst maken, dán moeten dat ambachtslieden zijn. Maar leerlingen zou je moeten opleiden tot kunstbelevers. En ze laten ervaren dat die beleving je anders laat kijken naar de dingen om je heen. Dansen, schilderen, muziek maken, spelen, en het onderzoek dat je daarmee kunt doen, de eigenheid die je daar kunt vinden, dát is wat je verder gaat helpen.

Natuurlijk moet je je op school technische vaardigheden eigen maken, zoals leren lezen. Maar onderwijs heeft ook een grote rol in kinderen leren wat het betekent om mens te zijn. Of zoals onderwijspedagoog Gert Biesta zegt: onderwijs is er niet alleen om te zorgen dat leerlingen kennis, vaardigheden en competenties opdoen. Het is net zo belangrijk dat onderwijs leerlingen voorbereidt op hun latere leven als lid van een gemeenschap. Én onderwijs gaat over de vorming van de persoon.

Filosoferen

Kunst heeft het proces van het niet-weten, van het onderzoeken, gemeen met de filosofie. Dat onderzoeken zit in het DNA van de kunstenaar. Een kunstenaar kiest een onderwerp, doet onderzoek, vindt daar iets van en geeft die bevinding vorm. Als je een leerling dit laat doen, dan doe je een beroep op de intrinsieke denk- en maakkracht van het kind. En jij als kind kunt dan je eigen verhaal en dat van de maatschappij waarin je leeft vertellen. Je leert dan dat jouw eigen denk- en maakkracht waardevol zijn. En het houdt je uiteindelijk staande in onze ongelofelijk ingewikkelde, geglobaliseerde informatiemaatschappij.

Leer kinderen geen kunst, leer ze denken als een kunstenaar. En dan wordt het interessant. Je kunt leerlingen door met ze te filosoferen in hun onderzoek brengen. Ik gebruik daar theatrale startscenario’s voor, iets wat het kind áán zet. In mijn vak van theaterdocent, betekent theater echt niet: kinderen een rol laten spelen. Als we zeggen: jij bent nu een prinses, wat is dat dan? Iets wat uit een Disneyfilm komt? Rollen spelen volgens typetjes, dat brengt een kind niet veel verder. En een spelcoach die zegt dat je harder moeten praten evenmin. En dat is wel wat er vaak gebeurt. Waarom vragen wij kinderen bij een groep 8-musical, niet zichzelf te laten zien? Zo’n afsluitende voorstelling zou toch een prachtig moment zijn om na acht jaar de schoolverlaters gelegenheid te geven te laten zien wie ze zijn? Wie ben jij? Wat is jóuw prinses? Dat is toch veel interessanter?

Toolkit

Er is in het onderwijs tijdsdruk, veel regelgeving en er zijn lerarentekorten. Ik zou scholen willen aanraden vaker de samenwerking te zoeken met een professionele instelling. De educatie-afdeling van ITA heeft bijvoorbeeld de Theater Toolkit.

Deze toolkit is een box met spullen en online materiaal. Er zijn werkvormen waarin de leerlingen terugkijken naar hun basisschooltijd en naar wat komen gaat. Het gaat over hoe je met 30 kinderen op een podium kunt staan, maar evenzeer over hoe je een gesprek kunt voeren met de klas en kunt filosoferen over het stuk. “Zou jij zenuwachtig zijn in die situatie? En waarvoor dan precies?” Dat filosoferen is erop gericht de groep 8-musical aan te pakken als een artistiek proces.

Er zijn ook enkele scripts: ‘Romeo en Julia’, ‘Op hoop van zegen’ en ‘Martin Luther King’. 75% is dan af. Die andere 25% maak je samen met de kinderen. Ik maakte een uitvoering van Romeo en Julia die ingelaste videofragmenten had. Daarin gaven kinderen commentaar op wat er gebeurde in de scènes. Dat gaf een prachtig inkijkje in wie de kinderen zelf zijn. En dat leidde weer tot gesprekken tussen ouders en leerlingen.

Leer kinderen geen kunst, leer ze denken als een kunstenaar.

Bodem

Theater kan jou leren jezelf te zijn en in het hier en nu te reageren. Dat is niet hetzelfde als leren acteren, dat je duidelijk moet spreken en niet met je rug naar het publiek moet staan. Theater gaat over interactie! Bij toneelgroep Amsterdam hadden we rond dat principe een workshop ontwikkeld. We vroegen leerlingen op een briefje een mooie toneelzin te schrijven. Een acteur zei deze zin hardop en vervolgens kwam de leerling die de zin geschreven had op, en begon de scène. De spelimpuls van de acteur maakte dat de leerling in het moment reageerde.

Het zou een gemiste kans zijn als we in onderwijsvernieuwing er niet in slagen kunst, cultuur, filosofie en burgerschap bij elkaar te brengen. In al deze vakken staat kennis niet vast. Het gaat over leren afwegingen maken en leren communiceren. Als dat de bodem zou zijn waarop we verworven kennis laten rusten, dan worden de leerlingen van nu, later uitgebalanceerde mensen. Iedereen zegt: “Kritische denkvaardigheden, die heb je nodig om volwaardig burger te zijn. Analytisch en creatief denken, leren dat er verschillende perspectieven bestaan.” Dat zijn precies die zaken die je kunt leren door te filosoferen en kunst te beleven. Filosoferen kan al met kinderen vanaf zes jaar!

Voorstellingen worden niet gemaakt om mensen theater te laten spelen, maar om mensen iets te laten beleven en na te laten denken. Ik ben ervan overtuigd dat die beleving mensen rijker maakt, gelukkiger zelfs. En dat het kan bijdragen aan mens-worden en aan een maatschappij waarin we elkaar wat beter begrijpen.

Prikkels Vrij spel

De mens is een spelend wezen. Door te spelen doen we kennis op en ontwikkelen we onze vaardigheden. De behoefte om te spelen is niet iets van kinderen alleen, ook volwassenen hebben spel nodig.

Cultuuronderwijs is bij uitstek een plek in het rooster waar de ruimte voor spelen ontstaat. Waar je eigenwijs mag zijn en je eigen keuzes mag maken. Waar je aan je eigen ontwikkeling werkt op de manier die past bij jou. Deze Prikkels is een pleidooi voor vrij spel.

Lees Prikkels online