Kansen zat

Er kan meer met het Nationaal Programma Onderwijs

IN GESPREK

Het Nationaal Programma Onderwijs geeft scholen de financiële middelen om achterstanden die zijn ontstaan in de coronacrisis weg te werken. Het ministerie noemt cultuureducatie als een van de mogelijke interventie. Vier directeuren vertellen hoe dat voor hen werkt.

Tekst: Trea Scholten
Foto’s: Marieke Duijsters

Vincent Kalshoven is directeur van Daltonschool De Tandem in IJsselstein en onderwijskwaliteitshouder van de scholenstichting Robijn.

Een vakleerkracht muziek

“Het lijkt wel of er een verschraling in het basisonderwijs plaatsvindt. Meten en weten, dat is de maatstaf, maar er is zoveel meer. We vormen kinderen voor het leven en dat is meer dan toetsen op leren rekenen en taal. Om de NPO-gelden goed te besteden zijn we met het team een verkenning gestart. Wat is bewezen? Wat niet? Wat kunnen we meten en weten en wat niet? Minstens zo belangrijk: wat hebben de kinderen gemist?

Dat bleek vooral sociale en culturele vorming te zijn. Daar willen we dan ook op inzetten. Daarom kiest De Tandem onder meer voor het aantrekken van een vakleerkracht muziek voor de groepen 3 tot en met 8. Kinderen leren veel van een vakleerkracht én de leerkracht leert hoe er nog beter muziekonderwijs gegeven kan worden.

Daarnaast komt er vanaf november ook nog een structureel cultuurcircuit. Vier weken lang maken kinderen een dag in de week kennis met allerlei vormen van cultuur, kunst én wetenschap. De circuits dienen verschillende doelen. Aan de ene kant gaat het om het aanleren van technieken. Dat doen de kinderen met hun leeftijdgenoten. Aan de andere kant is het sociale aspect minstens zo belangrijk. En dus zijn er ook circuits waarin jonge en oudere kinderen samenwerken. De kinderen hebben een tijd op slot gezeten. Letterlijk, doordat ze de deur bijna niet uitkwamen en thuis onderwijs volgden. Met onze cultuureducatie bieden we de leerlingen weer de mogelijkheid om open te gaan. Ze kunnen ontdekken wie ze zijn en waar hun talenten liggen.”

Carolien Borger is directeur op de Agnesschool in IJsselstein.

Extra locaties voor ateliers

“Onze school heeft altijd al een aanzienlijk budget voor cultuureducatie. Binnen Cultuureducatie met Kwaliteit is er een vast budget. Het Buitenpodium financieren we met andere gelden en we hebben vakdocenten voor cultuureducatie. Inhoudelijk hadden we niet zoveel extra nodig. Maar we waren wel op zoek naar meer ruimte voor onze ateliers. En daarom hebben we een deel van de NPO-gelden besteed aan het huren van extra locaties.”

Linda Hanraads is directeur van Kindcentrum Willem Eggert in Purmerend.

Vakspecialisten voor sport- en cultuureducatie

“Wij geloven dat een kwalitatief aanbod van cultuureducatie net zo belangrijk is als een kwalitatief aanbod van sport, rekenen, lezen en taal. Daarom gebruiken we een deel van het NPO-geld als impuls voor het anders organiseren van ons onderwijs. Dat doen we met de inzet van vakspecialisten voor sport- en cultuureducatie. Ook werken wij samen met Het Nederlands Kinder Theater, Cultuurhuis Wherelant en de muziekschool. Zo krijgen de kinderen de kans om zich breed te ontwikkelen en hun talenten te ontdekken. Ze kunnen ergens in uitblinken. Dat kan rekenen of taal zijn, maar net zo goed toneelspelen, dansen, filosoferen of beeldende vorming. Op deze manier voelt elk kind zich competent, een voorwaarde om tot leren te komen.

Op onze school werken we in units. Een aantal leerkrachten is verantwoordelijk voor een grotere groep kinderen. De inzet van vakdocenten maakt dat leerkrachten in de tijd dat de vakdocenten voor de groep staan anders kunnen worden ingezet. Zij kunnen bijvoorbeeld hun aandacht richten op kinderen met extra ondersteuningsbehoeften. Zo kunnen we meer maatwerk bieden. En door de verantwoordelijkheden tussen leerkrachten en vakdocenten te verdelen, vermindert de werkdruk.

Ik kan iedere school aanraden om NPO-gelden in te zetten voor cultuureducatie. Ga in gesprek met je team over de mogelijkheden. En ga in gesprek met de cultuuraanbieders in de omgeving. Vertel ze over je ambities en de voorwaarden die er zijn voor een goede samenwerking.”

Dorine de Jong is directeur van de Griftschool in Woudenberg.

Een duurzame aanpak voor muziek

“Toen ik over de extra NPO-gelden hoorde was voor mij direct duidelijk dat het ook ingezet moet worden voor cultuureducatie. School is leren én leven. Kind zijn betekent niet alleen kennis vergaren. Het betekent ook leren presenteren, ontdekken hoe je je ontspant, proberen waar jouw kwaliteiten liggen en ga zo maar door. Gek eigenlijk dat we nog moeten benoemen waarom cultuureducatie zo belangrijk is.

De Griftschool is een kunst- en cultuurschool. Na verschillende afwegingen is gekozen voor een duurzame aanpak van het vak muziek. Vanaf de herfstvakantie tot het einde van het schooljaar komt er een vakleerkracht muziek. Zij geeft elke week les in de groepen 5 tot en met 8. De leerkracht is daar ook bij aanwezig. Op deze manier willen we geïnspireerd worden om muziek vaker in de groep in te zetten. Dat hoeft niet direct een hele les te zijn. Het kan ook even als een break tussen het ene en het andere vak.

Naast de lessen gaat de vakleerkracht ook naar de muziekmethode kijken én krijgen de leerkrachten heel veel praktische tips. Fijn om straks nieuwe handvatten te hebben. Ik hoop dat we die dan ook schoolbreed in kunnen zetten. Ons motto is ‘Leer wie jij kunt zijn’. Dat kun je alleen maar ontdekken als je een breed palet aanbiedt. En daarbinnen heeft cultuureducatie een belangrijke plek.”

Kansen zat

 

Het probleem is niet dat kinderen verschillend zijn. Het probleem is dat sommige verschillen het verschil maken en dat niet hoeven te doen. In deze prikkels laten we zien dat er kansen zat kunnen zijn voor ieder kind. In deze Prikkels vind je inspirerende voorbeelden. Want uiteindelijk willen we allemaal hetzelfde: voor elk kind de kansen scheppen die het nodig heeft om zich volledig tot ontplooien.

Lees magazine online