Van wie is die koffer?

Het speldenkussen en het meetlint

45 minuten

  • Lesdoelen
    • De leerlingen onderzoeken het speldenkussen en meetlint.
    • Ze proberen onder woorden te brengen waar het speldenkussen en meetlint voor gebruikt worden, waarom ze in de koffer zitten en welke relatie ze met de andere voorwerpen in de koffer hebben.
  • Benodigdheden
    • Speldenkussen en meetlint (uit de koffer)
    • Verfdoos
    • Lang stuk papier
    • Kijkwijzer
  • Voorbereiding
    • Zet de koffer op een zichtbare plek klaar.
    • Zorg voor een tafel om de voorwerpen op grootte te rangschikken.
    • Lees de erfgoedvoorwerpen Woudenberg door.

Het speldenkussen en het meetlint

Jullie gaan erachter proberen te komen van wie de koffer is. Kijk eens goed naar deze twee voorwerpen die in de koffer zitten. Geef deze door in de kring.

  • Wat zou het kunnen zijn?
  • Hoe ziet, ruikt, voelt het of maakt het geluid?
  • Is het oud of nieuw? Waaraan kun je dat zien?
  • Welke vorm heeft het?
  • Wat zou je ermee kunnen doen?
  • Wat hebben de twee voorwerpen met elkaar te maken?
Het speldenkussen

Met spelden kun je twee stukken stof even makkelijk aan elkaar vastmaken of je kunt met spelden een broek op de juiste lengte maken om te zien of hij dan goed valt.
Als je groeit dan wordt je rok of je broek te kort. Maar soms is iets ook nog veel te groot. Je kunt soms aan de onderkant dan langer of korter maken door een extra stuk stof eraan vast te maken of een stukje van de stof te knippen. Dan meet je eerst op hoe lang dat stuk stof moet zijn. Daarna gebruik je naald en draad om de broek op de juiste lengte te maken.

Het speldenkussen is handig. Je prikt er de spelden in zodat ze niet zoekraken. En je kan ze lekker makkelijk pakken. Het is eigenlijk net als een soort etuitje voor je potloden en stiften.

Meten

Met een meetlint kun je iets opmeten. Bijvoorbeeld de lengte van een arm, je middel, je voet, maar ook de lengte of breedte van een koffer. En je kunt ook elkaar meten.
Of je kunt meten of iets in de koffer zou passen? Een stoel, zou dat passen? En hoe hoog en lang iets is, zoals je tafel of je broodtrommel.
Een meetlint gebruik je ook bij het maken van kleding. Je wilt natuurlijk niet dat de jas veel te groot wordt, of de mouwen te kort.
Wat willen jullie opmeten?

  • Eén iemand van jullie mag op een stoel gaan staan en de leerkracht doet voor hoe een naaister de zoom van bijvoorbeeld een nieuwe rok opmeet en afspeldt.
  • Welke voorwerpen uit de koffer hebben nog meer met het naaien van kleding te maken?
    • stoffen
    • de vingerhoed
    • knopen
    • kralen

Van groot naar klein

Twee leerlingen leggen de spullen van groot naar klein op tafel.

  • Van welke voorwerpen kunnen er maar weinig in de koffer?
  • En van welke het meest?
  • Is er iemand die in de koffer past?

Meten maar!

Hang een groot stuk papier verticaal op een muur.

Meet met het meetlint 1 meter uit en zet daar een dikke, duidelijke streep. Meet elkaar door een streepje boven het hoofd op het papier te zetten en schrijf de naam erachter.

  • Wat weten we nu over de eigenaar van de koffer? Wat willen we nog meer ontdekken en weten we nu?
    • De eigenaar meet dingen op
    • De eigenaar maakt misschien kleding
    • De eigenaar bewaart van alles, zoals stoffen, knopen en kralen.